Kostenvergoeding amateurgezelschap

Met ingang van 1 januari 2001 kent de loon- en inkomstenbelasting een afzonderlijke kostenvergoedingsregeling voor artiesten en beroepssporters (Artiesten, beroepssporters, amateursgezelschappen en besturen of directies die artiesten, beroepssporters of gezelschappen inhuren). Ook op leden van amateurgezelschappen is deze regeling van toepassing. Hierbij valt te denken aan fanfares, harmonieën, zangkoren, carnavalsverenigingen of toneelgezelschappen. De hoofdregel is dat wanneer betaald wordt voor een optreden, degene met wie het optreden is overeengekomen (zaalhouder, festivaldirecteur) loonbelasting moet inhouden over de gage.In een vijftal situaties is het niet nodig loonbelasting en premies volksverzekering over de gage in te houden. Dat is wanneer er sprake is van:

  1. Individuele onkostenvergoedingbeschikking
  2. Een onkostenvergoedingbeschikking per gezelschap
  3. De kleine onkostenvergoedingregeling
  4. Een artiestenvrijwilligersregeling voor amateurgezelschappen
  5. Een reis- en verblijfkostenregeling

Individuele onkostenvergoedingbeschikking

Individuele artiesten of sporters kunnen bij de inspecteur voor de loonbelasting een onkostenvergoedingsbeschikking (inhoudingsplichtige verklaring) aanvragen. Dit is een vast bedrag dat vastgesteld wordt op basis van de verwachte onkosten exclusief reiskosten en verblijfkosten. Het bedrag is de optelsom van de verwachte kosten van meerdere optredens. Over het bedrag hoeft geen loonbelasting betaald te worden. Wanneer de totale kostenvergoeding in een jaar hoger blijkt te zijn dan het bedrag in de beschikking, dient het verschil in de aangiften voor de Inkomstenbelasting aangegeven te worden.
Wanneer festivaldirecteuren, zaalhouders of andere organisaties die artiesten, sporters of gezelschappen met onkostenvergoedingsbeschikking inhuren hoeft over de gage geen loonbelasting en premies volksverzekering ingehouden te worden.

Onkostenvergoedingbeschikking per gezelschap

De administratieve lasten worden verminderd wanneer de leider van het gezelschap over een inhoudingsplichtigverklaring beschikt voor het gezelschap. In dat geval hoeft ook geen loonbelasting en premie volksverzekering ingehouden te worden over de gage voor het gezelschap. Indien de gage van het gezelschap ten goede komt van de vereniging of de stichtingskas blijft dat zo. Wanneer gage onder de leden verdeeld wordt, moet dat gemeld worden bij de Belastingdienst als de individuele uitkering hoger uitkomt dan de toegestane vrijwilligersvergoeding.

Kleine onkostenvergoedingsregeling

Tot een bedrag van € 136,- per artiest per optreden is geen beschikking vereist. Over dit bedrag hoeft geen belasting te worden betaald maar het moet wel opgegeven worden aan de Belastingdienst.

Artiestenvrijwilligersregeling voor amateurgezelschappen

De onkostenvergoeding voor het vrijwilligerswerk is ook van toepassing voor beroepssporters, artiesten en gezelschappen. Een bedrag van ten hoogste € 150,- per maand met een maximum van €1500,-  per jaar mogen artiest en beroepssporter ontvangen zonder dat daar premies over hoeven worden afgedragen.

Reis- en verblijfkostenregeling

Vergoedingen van reis- en verblijfkosten worden, voor zover ze geen betrekking hebben op het eigen vervoer, niet tot het loon gerekend van een artiest of beroepssporter.

Website ontwikkeld door Internetburau uit Utrecht: Two Visions